Citaat | College van Beroep voor het bedrijfsleven 14 juli 2016
Onder 9 College van Beroep voor het bedrijfsleven 14 juli 2016
Een alinea uit College van Beroep voor het bedrijfsleven 14 juli 2016, ECLI:NL:CBB:2016:185.
9.3.4 [Onderneming G] heeft in de jaren volgend op de afkoop van [Onderneming F] met dezelfde ondernemingen betrokken bij die afspraak bilaterale en multilaterale contacten gehad over klanten. Daarnaast heeft zij samen met – onder meer – diezelfde ondernemingen de [Onderneming Z] -fabriek opgekocht en ontmanteld. Naar het oordeel van het College heeft de rechtbank terecht geoordeeld dat [Onderneming G] met dit gedrag heeft willen bijdragen aan het gemeenschappelijke doel de marktverhoudingen te stabiliseren. Deelname aan het niet-aanvalspact, de afkoop van [Onderneming F] en de opkoop en ontmanteling van [Onderneming Z] – gedragingen die, zoals onder punt 8.3.5 is overwogen, bij uitstek geschikt zijn om de marktverhoudingen te stabiliseren – is niet in overeenstemming met de door [Onderneming G] gestelde onafhankelijk concurrerende positie die zij zou hebben ingenomen op de markt. Ook is het College met de rechtbank van oordeel dat is voldaan aan de eis dat [Onderneming G] de onrechtmatige gedragingen van de andere deelnemers kende of redelijkerwijs kon voorzien en bereid was het risico ervan te aanvaarden. Voor zover [Onderneming G] deze gedragingen niet reeds kende als gevolg van haar directe betrokkenheid bij de gedragingen die tezamen de enkele voortdurende overtreding vormen, kon zij deze gedragingen – gezien haar kennis van de aard en strekking van de gedragingen waaraan zij heeft deelgenomen – redelijkerwijs voorzien, en heeft zij het risico daarvan aanvaard. Naar het oordeel van het College moet [Onderneming G] vanwege het gemeenschappelijke doel van de verschillende gedragingen waaraan zij heeft deelgenomen het verband tussen die gedragingen hebben onderkend. [Onderneming G] ’ deelname aan de afkoop van [Onderneming F] kan daarom, retrospectief, beschouwd in het licht van de andere gedragingen, worden aangemerkt als het moment van haar toetreding tot de enkele voortdurende overtreding. Hieruit vloeit eveneens voort dat ACM terecht heeft vastgesteld dat [Onderneming G] vanaf 25 augustus 2003 – zijnde de eerste bijeenkomst in het kader van de afkoop [Onderneming F] waarbij [Onderneming G] aanwezig was – heeft deelgenomen aan de enkele voortdurende overtreding.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/4e1e9dd1cb145f7a821b636596076e4c13a83fc2c6687e2ea75b2e868ebbaa8e. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 4e1e9dd1cb145f7a821b636596076e4c13a83fc2c6687e2ea75b2e868ebbaa8e, en de alinea staat in dat document op bytes 128640 tot 130877.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/4e1e9dd1cb145f7a821b636596076e4c13a83fc2c6687e2ea75b2e868ebbaa8e | shasum -a 256