Citaat | College van Beroep voor het bedrijfsleven 14 juli 2016

Onder 7 College van Beroep voor het bedrijfsleven 14 juli 2016

Een alinea uit College van Beroep voor het bedrijfsleven 14 juli 2016, ECLI:NL:CBB:2016:186.

7.1.1 [Onderneming D] betoogt dat de rechtbank ten onrechte heeft vastgesteld dat [Onderneming D] betrokken is geweest bij de financiering van de overname van [Onderneming P] door [Onderneming N] . Volgens [Onderneming D] is er geen werkelijk feitelijk en vast bewijs dat de gezamenlijke financiering van de opkoop van [Onderneming P] überhaupt heeft plaatsgevonden op de wijze zoals wordt beschreven door ACM. De aantekeningen van [Onderneming D] geven slechts een indicatie dat met [Onderneming A] gesproken is over [Onderneming P] ; hieruit blijkt niet dat ook daadwerkelijk door [Onderneming D] tot financiering is overgegaan. Ook de verklaring van [Onderneming A] over de opkoop van [Onderneming P] is zeer onduidelijk, zowel wat betreft de wijze van verrekening als wat betreft de betrokkenheid van [Onderneming D] . Daarnaast hebben ACM en de rechtbank onvoldoende waarde gehecht aan de alternatieve verklaringen die door [Onderneming D] zijn gegeven ten aanzien van de gedraging [Onderneming P] .

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/79f3ba8f1b0a20baecd4f596e4c7a4896797659ba00d92bf6d33d35c3d733b6f. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 79f3ba8f1b0a20baecd4f596e4c7a4896797659ba00d92bf6d33d35c3d733b6f, en de alinea staat in dat document op bytes 86700 tot 87719.