Citaat | College van Beroep voor het bedrijfsleven 14 juli 2016
Onder 7.3.4 College van Beroep voor het bedrijfsleven 14 juli 2016
Een alinea uit College van Beroep voor het bedrijfsleven 14 juli 2016, ECLI:NL:CBB:2016:187.
Voorts zijn er aanwijzingen dat [Onderneming E1] ten minste is uitgenodigd voor een vergadering over [Onderneming F] op 11 november 2003. Duidelijk is dat op die datum een vergadering heeft plaatsgevonden tussen in ieder geval [Onderneming A] ( [Persoon A2] ) en [Onderneming B] (de heren [Persoon B2] en [Persoon B3] ). Uit de aantekeningen van [Persoon G2] ( [Onderneming G] ) blijkt dat ook [Onderneming E1] bij deze bijeenkomst verwacht werd. Omdat [Persoon G2] zelf niet bij de bijeenkomst aanwezig is geweest, en er ook anderszins geen bewijsmiddelen zijn waaruit blijkt dat [Onderneming E1] aanwezig is geweest bij de vergadering, kan echter niet worden vastgesteld dat [Onderneming E1] ook op de uitnodiging is ingegaan.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/1897865f3b442887c1aeab21ac4914ba8714f01a31ab14f850db906faa3bdc0e. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 1897865f3b442887c1aeab21ac4914ba8714f01a31ab14f850db906faa3bdc0e, en de alinea staat in dat document op bytes 107400 tot 108141.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/1897865f3b442887c1aeab21ac4914ba8714f01a31ab14f850db906faa3bdc0e | shasum -a 256