Citaat | College van Beroep voor het bedrijfsleven 14 juli 2016

Onder 7.3.6 College van Beroep voor het bedrijfsleven 14 juli 2016

Een alinea uit College van Beroep voor het bedrijfsleven 14 juli 2016, ECLI:NL:CBB:2016:187.

Dat [Persoon C1] in zijn verklaring van 11 maart 2009 onzeker zou zijn geweest over de deelname van [Onderneming E1] , volgt naar het oordeel van het College niet uit zijn verklaring. Bij het betreffende verhoor van [Persoon C1] vormde deelname van [Onderneming E1] aan de afkoop van [Onderneming F] juist één van de uitgangspunten, omdat [Onderneming E1] al in het initiële clementieverzoek van [Onderneming C] was vermeld als deelnemer aan tenminste één bijeenkomst over [Onderneming F] . De door [Onderneming C] opgestelde lijst met deelnemers aan deze bijeenkomst werd reeds aan het begin van het verhoor door ACM aan [Persoon C1] voorgehouden, waarbij hij op dat moment ook geen op- of aanmerkingen plaatste. Dat [Persoon C1] met enige reservering reageerde op de lijst met deelnemende ondernemingen weergegeven in de aantekeningen van [Onderneming B] , lijkt te kunnen worden verklaard doordat in die lijst drie andere ondernemingen worden genoemd ( [Onderneming J] , [Onderneming E2] en [Onderneming L] ) waarover [Onderneming C] tot dan toe nog niet had verklaard in het kader van de afkoop van [Onderneming F] .

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/1897865f3b442887c1aeab21ac4914ba8714f01a31ab14f850db906faa3bdc0e. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 1897865f3b442887c1aeab21ac4914ba8714f01a31ab14f850db906faa3bdc0e, en de alinea staat in dat document op bytes 109324 tot 110462.