Citaat | College van Beroep voor het bedrijfsleven 14 juli 2016

Onder 5.1.2 College van Beroep voor het bedrijfsleven 14 juli 2016

Een alinea uit College van Beroep voor het bedrijfsleven 14 juli 2016, ECLI:NL:CBB:2016:187.

Volgens ACM oordeelt de rechtbank ten onrechte dat alleen de clementieverklaringen van [Onderneming B] en [Onderneming C] wijzen op betrokkenheid van [Onderneming E1] bij het niet-aanvalspact. Ook [Persoon F1] ( [Onderneming F] ) heeft in zijn verklaring van 15 januari 2009 verklaard over betrokkenheid van [Onderneming E1] , namelijk bij een bijeenkomst in Hannover in december 2006 waar onder meer de kwestie [Afnemer B] is besproken. De verklaring van [Persoon A2] ( [Onderneming A] ) van 15 mei 2009 stemt overeen met de verklaring van [Persoon F1] omtrent deze bijeenkomst. De verklaringen van [Onderneming F] en [Onderneming A] bevestigen dus eveneens dat [Onderneming E1] betrokken was bij gesprekken over de “verdeling van de Nederlandse markt” en de “status quo” . Deze terminologie sluit volgens ACM aan bij het niet-aanvalspact.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/1897865f3b442887c1aeab21ac4914ba8714f01a31ab14f850db906faa3bdc0e. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 1897865f3b442887c1aeab21ac4914ba8714f01a31ab14f850db906faa3bdc0e, en de alinea staat in dat document op bytes 49663 tot 50594.