Citaat | College van Beroep voor het bedrijfsleven 18 februari 2016
Onder 1.4 College van Beroep voor het bedrijfsleven 18 februari 2016
Een alinea uit College van Beroep voor het bedrijfsleven 18 februari 2016, ECLI:NL:CBB:2016:29.
3. Appellante heeft in beroep – samengevat – aangevoerd dat verweerder beperkte bewegingsvrijheid koppelt aan een tekort aan ligplaatsen, hetgeen onbegrijpelijk is. Er is naast de ligplaatsen voldoende ruimte om te lopen en te staan. Bovendien beschikt appellante over veel grond en kunnen de runderen in de wei lopen. Dat de runderen niet allemaal tegelijk in de stal kunnen liggen betekent niet dat er sprake is van onnodig lijden of letsel. Appellante bestrijdt dan ook dat er sprake is van overtreding van artikel 1.6, eerste lid, Bhd. De dieren zijn gezond en in goede conditie. In dat kader verwijst appellante naar een in bezwaar ingediende verklaring van een dierenarts waarin wordt bevestigd dat de dieren in een zeer goede conditie verkeren. Appellante bestrijdt voorts dat het natuurlijke gedrag van de runderen in het gedrang is. Runderen hebben geen slaapschema dat vergelijkbaar is met dat van mensen. Zij slapen steeds korte periodes en ondervinden geen hinder als ze niet allemaal tegelijk slapen. Er is ook geen enkele aanwijzing dat de runderen hinder ondervinden van de wijze waarop appellante ze houdt. Naast dat de dieren in een goede gezondheid verkeren leveren zij een zeer hoge melkproductie. Dat zou volgens appellante niet kunnen als de dieren stress ervaren. Er is in de Wd of het Bhd geen bepaling opgenomen die voorschrijft dat runderen één op één een ligplaats dienen te hebben. Verder merkt appellante op dat verweerder in het bestreden besluit verwijst naar artikel 1.3 Wd. Dit artikel kan naar haar mening echter niet dienen als basis voor een concreet omschreven maatregel waaraan in het kader van een last onder dwangsom voldaan dient te worden. Aan de nieuwe omschrijving van maatregel 2 in het besluit op bezwaar kleeft bovendien – opnieuw – hetzelfde bezwaar als aan maatregel 2 zoals in het primaire besluit geformuleerd: hij is onvoldoende duidelijk. Appellante weet op basis van deze maatregel niet waaraan zij precies dient te voldoen, nu er bijvoorbeeld geen enkele duidelijkheid is gegeven over de afmetingen van de ligplaatsen. Dit is in strijd met artikel 5:32a van de Algemene wet bestuursrecht (Awb), waarin is bepaald dat de last onder bestuursdwang de te nemen herstelmaatregelen omschrijft, en in strijd met het rechtszekerheidsbeginsel.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/a3fb0d03c61809bfd4954a065abadab4c33174041c863648d476711ad40283b2. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt a3fb0d03c61809bfd4954a065abadab4c33174041c863648d476711ad40283b2, en de alinea staat in dat document op bytes 17547 tot 19863.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/a3fb0d03c61809bfd4954a065abadab4c33174041c863648d476711ad40283b2 | shasum -a 256