Citaat | College van Beroep voor het bedrijfsleven 31 oktober 2016

Onder 1.7 College van Beroep voor het bedrijfsleven 31 oktober 2016

Een alinea uit College van Beroep voor het bedrijfsleven 31 oktober 2016, ECLI:NL:CBB:2016:341.

Ter zake van klachtonderdeel 3 overweegt de accountantskamer subsidiair dat klager zich ook in klacht I en in hoger beroep heeft beklaagd over ad-hoc beleid, willekeur en ontbreken van objectiviteit ter zake van het indienen van een klacht door het BFT jegens klager. Van een bijzondere omstandigheid op grond waarvan een nieuw verwijt ter zake opnieuw aan de accountantskamer kan worden voorgelegd is naar het oordeel van de accountantskamer niet gebleken. Ook daarom is dit klachtonderdeel volgens de accountantskamer niet-ontvankelijk. Meer subsidiair is de accountantskamer van oordeel dat voor zover klachtonderdeel 2 toch ontvankelijk zou moeten worden geacht, dit ongegrond is omdat de tuchtrechtelijke relevantie van de door klager gestelde willekeur, afgezet tegen de door betrokkenen ter verweer aangebrachte nuanceringen die evident zijn voor de besluitvorming omtrent indiening van een klacht in een individueel geval, en afgezet tegen de (herstel) kansen die klager zijn geboden, door klager niet aannemelijk is gemaakt.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/32fa254327fd3a8b75e65c35d43bdbcec017a0a107975eda793596de6e49a146. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 32fa254327fd3a8b75e65c35d43bdbcec017a0a107975eda793596de6e49a146, en de alinea staat in dat document op bytes 21974 tot 23021.