Citaat | College van Beroep voor het bedrijfsleven 1 december 2016

Onder 4.2 College van Beroep voor het bedrijfsleven 1 december 2016

Een alinea uit College van Beroep voor het bedrijfsleven 1 december 2016, ECLI:NL:CBB:2016:373.

Uit artikel 1:97, eerste en vierde lid, van de Wft, zoals dat ten tijde hier van belang gold, vloeit onder meer voort dat de AFM verplicht is een besluit tot het opleggen van een boete volledig openbaar te maken, tenzij bekendmaking van persoonsgegeven onevenredig zou zijn of betrokken partijen in onevenredige mate schade zou worden berokkend. Onder verwijzing naar onder meer de uitspraak van het College van 22 januari 2015 (ECLI:NL:CBB:2015:6) overweegt de voorzieningenrechter dat, nu het belang van de toezichthouder bij publicatie slechts wijkt voor het belang van verzoekers in geval van onevenredigheid of onevenredige schade, het in een zodanig geval dient te gaan om een individuele, bijzondere situatie, waarbij de door [naam 1] en [naam 2] als gevolg van de publicatie te verwachten schade en/of gevolgen zodanig uitzonderlijk zijn dat het belang van de bescherming van de markt daarvoor moet wijken. Naar voorlopig oordeel van de voorzieningenrechter is van een dergelijke individuele, bijzondere situatie in het geval van [naam 1] en [naam 2] geen sprake. De omstandigheid dat [naam 1] en [naam 2] thans niet meer actief zijn in de financiële dienstverlening en de voorgenomen publicatie zal leiden tot reputatieschade die met name [naam 2] raakt, acht de voorzieningenrechter onvoldoende om de voorgenomen publicatie te schorsen.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/b65129abbd56ff6fca2b2dd0f02b15d59d12565aff62922e8c6e092a28e42b23. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt b65129abbd56ff6fca2b2dd0f02b15d59d12565aff62922e8c6e092a28e42b23, en de alinea staat in dat document op bytes 15481 tot 16841.