Citaat | College van Beroep voor het bedrijfsleven 28 november 2016

Onder 7.5 College van Beroep voor het bedrijfsleven 28 november 2016

Een alinea uit College van Beroep voor het bedrijfsleven 28 november 2016, ECLI:NL:CBB:2016:441.

Het College stelt vast dat appellant tijdens de zitting van de rechtbank heeft aangevoerd dat de redelijke termijn is overschreden en dat de rechtbank daarop niet expliciet heeft beslist. Voorts stelt het College vast dat de procedure in eerste aanleg is afgerond met de uitspraak van de rechtbank van 10 december 2014, zodat die fase van de procedure gerekend vanaf het moment van het boetevoornemen, drie jaar en elf maanden heeft geduurd. Voor de bepaling van de redelijke termijn dient de periode die gemoeid is geweest met het wachten tot het nemen van een beslissing op bezwaar tot na de uitspraak van het College over de toepassing van derogatie (van 21 mei 2013) - zoals appellant en de staatssecretaris op 7 juni 2012 zijn overeengekomen - echter niet te worden meegerekend. Datzelfde geldt voor de periode gedurende welke de rechtbank het beroep heeft aangehouden in afwachting van een uitspraak van het College, nu appellant ter zitting van de rechtbank heeft aangegeven daartegen geen bezwaar te hebben; die periode bedraagt bijna negen maanden. Na aftrek van de bedoelde perioden van iets meer dan elf maanden en iets minder dan negen maanden, heeft de procedure in eerste aanleg twee jaar en drie maanden geduurd, zodat de redelijke termijn in die procedure met drie maanden is overschreden.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/70212766f8f874a86635f0bef355b09bf2e8dd8e1fcbf8ed4cee10ba0d1a2b16. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 70212766f8f874a86635f0bef355b09bf2e8dd8e1fcbf8ed4cee10ba0d1a2b16, en de alinea staat in dat document op bytes 23917 tot 25236.