Citaat | College van Beroep voor het bedrijfsleven 7 maart 2016
Onder 6.3.2 College van Beroep voor het bedrijfsleven 7 maart 2016
Een alinea uit College van Beroep voor het bedrijfsleven 7 maart 2016, ECLI:NL:CBB:2016:54.
DNB stelt zich op het standpunt dat de stelling dat de stichting en [naam 2] als één onderneming moeten worden gezien, niet opgaat. Voor een dergelijke beperking van het toepassingsbereik is in de wet zelf en in de wetsgeschiedenis geen enkele aanwijzing te vinden. Integendeel: is sprake van een kredietuitzetting aan een ander , in de ruimste zin van het woord, dan is het onderdeel ‘verrichten van kredietuitzettingen’ in de definitie van het begrip bank voldaan. Bovendien is van belang dat de stichting en [naam 2] nu juist doelbewust als twee zelfstandige, los van elkaar staande entiteiten zijn vormgegeven. Daarvoor heeft de stichting bewust gekozen, onder andere om te voorkomen dat de obligatiehouders onder het Duitse belastingregime zouden vallen, alsook om eventuele belangenverstrengeling of aansprakelijkheden uit andere projecten te voorkomen. De gekozen opzet pleit juist tegen de uitleg die appellant aan het begrip ‘krediettuitzettingen’ in de context van artikel 2:11 van de Wft wil geven.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/54b91e8dec7d0c7f5788bd96e3c0f8e092dac081238d842e3c223662620531bd. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 54b91e8dec7d0c7f5788bd96e3c0f8e092dac081238d842e3c223662620531bd, en de alinea staat in dat document op bytes 20245 tot 21311.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/54b91e8dec7d0c7f5788bd96e3c0f8e092dac081238d842e3c223662620531bd | shasum -a 256