Citaat | College van Beroep voor het bedrijfsleven 24 maart 2016
Onder 4.3 College van Beroep voor het bedrijfsleven 24 maart 2016
Een alinea uit College van Beroep voor het bedrijfsleven 24 maart 2016, ECLI:NL:CBB:2016:57.
ACM stelt dat uit toerekening van het gedrag van een dochtermaatschappij aan een moedermaatschappij normaliter hoofdelijke aansprakelijkheid voor betaling van de boete volgt. Zij is echter niet verplicht om daarin te voorzien en partijen kunnen hier ook geen aanspraak op maken. ACM betoogt dat hoofdelijke aansprakelijkstelling enkel een middel is voor ACM om de doeltreffendheid van invordering van opgelegde geldboetes te versterken en het insolvabiliteitsrisico te verlagen. Met name is hoofdelijke aansprakelijkheid niet aan de orde wanneer de mogelijkheden van beboeting door de wetgever worden begrensd. Dit kan volgens ACM resulteren in een situatie waarin moeder en/of dochter niet voor het ‘volle pond’ aansprakelijk kunnen worden gehouden, en zelfs dat de moeder voor veel meer dan haar dochter aansprakelijk is. ACM verwijst hiervoor naar het arrest van het Hof van Justitie van 26 november 2013, C-50/12 P, ECLI:EU:C:2013:771 (Kendrion).
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/ac1851edc32df734afddf0187a9581d23a29e29b6b7176b6261679771759aef2. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt ac1851edc32df734afddf0187a9581d23a29e29b6b7176b6261679771759aef2, en de alinea staat in dat document op bytes 23083 tot 24050.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/ac1851edc32df734afddf0187a9581d23a29e29b6b7176b6261679771759aef2 | shasum -a 256