Citaat | College van Beroep voor het bedrijfsleven 11 januari 2017

Onder 7 College van Beroep voor het bedrijfsleven 11 januari 2017

Een alinea uit College van Beroep voor het bedrijfsleven 11 januari 2017, ECLI:NL:CBB:2017:1.

7.1.5 Ter zitting bij het College heeft appellante in aanvulling hierop betoogd dat ACM de boetegrondslag op onjuiste wijze heeft vastgesteld. Na gunning was nog steeds concurrentie op de markt mogelijk, en daarom mocht ACM niet de gehele duur van de bij de aanbestedingen gegunde raamcontracten als basis nemen voor het vaststellen van de betrokken omzet. Ook heeft ACM een te hoge ernstfactor gehanteerd in vergelijking met haar handelwijze bij andere soorten mededingingsrechtelijke overtredingen die zich bij aanbestedingen kunnen voordoen. Daarnaast heeft appellante betoogd dat de door haar aangevoerde argumenten ten aanzien van de strekking en de merkbaarheid van de door ACM gestelde onderling afgestemde feitelijke gedraging aanleiding dienen te vormen om de boete te verlagen, aangezien daaruit blijkt dat de effecten van de afstemming – voor zover die er al zijn geweest – beperkt waren.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/f74031822580b5a78ebf6cf5a66a780fd7cb8abb6190a2651887a333b8a9e919. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt f74031822580b5a78ebf6cf5a66a780fd7cb8abb6190a2651887a333b8a9e919, en de alinea staat in dat document op bytes 92122 tot 93039.