Citaat | College van Beroep voor het bedrijfsleven 11 januari 2017
Onder 7 College van Beroep voor het bedrijfsleven 11 januari 2017
Een alinea uit College van Beroep voor het bedrijfsleven 11 januari 2017, ECLI:NL:CBB:2017:1.
7.2.12 Ten aanzien van de correspondentie met MAAZ heeft de rechtbank naar het oordeel van het College terecht geoordeeld dat daaruit niet kan worden opgemaakt dat appellante en [Onderneming B] MAAZ – en daarmee de gemeenten – daadwerkelijk hebben geïnformeerd over hun samenwerking. Uit de correspondentie blijkt dat appellante en [Onderneming B] de door hen geformuleerde vraag over een voorgenomen samenwerking tussen hen beide hebben voorgelegd aan MAAZ, welke vraag zij vervolgens formeel hebben ingetrokken omdat zij anders waarschijnlijk zouden worden uitgesloten van verdere deelname aan de aanbesteding. Deze keuze komt geheel voor rekening en risico van appellante. Daarnaast acht het College met ACM van belang dat uit de correspondentie niet kan worden opgemaakt dat appellante en [Onderneming B] aan MAAZ hebben medegedeeld dat zij gelijke inschrijftarieven zouden hanteren. Het stellen van de vraag aan MAAZ, welke vraag nadien weer is ingetrokken, kan niet worden gezien als een mededeling aan de vijf aanbestedende gemeenten waardoor deze gemeenten op de hoogte van de uitwisseling van inschrijftarieven zijn gebracht.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/f74031822580b5a78ebf6cf5a66a780fd7cb8abb6190a2651887a333b8a9e919. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt f74031822580b5a78ebf6cf5a66a780fd7cb8abb6190a2651887a333b8a9e919, en de alinea staat in dat document op bytes 102757 tot 103909.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/f74031822580b5a78ebf6cf5a66a780fd7cb8abb6190a2651887a333b8a9e919 | shasum -a 256