Citaat | College van Beroep voor het bedrijfsleven 25 januari 2017
Onder 4.2 College van Beroep voor het bedrijfsleven 25 januari 2017
Een alinea uit College van Beroep voor het bedrijfsleven 25 januari 2017, ECLI:NL:CBB:2017:14.
Volgens vaste jurisprudentie (het College wijst bijvoorbeeld op de uitspraak van de Hoge Raad van 26 april 2016, ECLI:NL:HR:2016:733 en de uitspraak van het College van 17 juni 2016, ECLI:NL:CBB:2016:151) kan van feitelijk leidinggeven aan verboden gedragingen onder omstandigheden sprake zijn indien de desbetreffende functionaris - hoewel daartoe bevoegd en redelijkerwijs gehouden - maatregelen ter voorkoming van deze gedragingen achterwege laat en bewust de aanmerkelijke kans aanvaardt dat de verboden gedragingen zich zullen voordoen. Zoals het College eerder heeft geoordeeld is in dit verband niet vereist dat sprake is van (voorwaardelijk) opzet gericht op de wederrechtelijkheid van de gedragingen. Met andere woorden: niet van belang is of [naam 1] wist dat de gedragingen een overtreding zouden opleveren (zie de uitspraak van het College van 20 mei 2016, ECLI:NL:CBB:2016:119).
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/dcbb4d229fe43a586bcc3107c3bef52ebbc45580ef1cf69424c1605a527d54e6. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt dcbb4d229fe43a586bcc3107c3bef52ebbc45580ef1cf69424c1605a527d54e6, en de alinea staat in dat document op bytes 18849 tot 19753.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/dcbb4d229fe43a586bcc3107c3bef52ebbc45580ef1cf69424c1605a527d54e6 | shasum -a 256