Citaat | College van Beroep voor het bedrijfsleven 3 juli 2017

Onder 6.1 College van Beroep voor het bedrijfsleven 3 juli 2017

Een alinea uit College van Beroep voor het bedrijfsleven 3 juli 2017, ECLI:NL:CBB:2017:204.

De handelaren betogen dat ACM en de rechtbank ten onrechte een enkele voortdurende overtreding van artikel 6 van de Mw hebben vastgesteld. ACM trekt onjuiste conclusies uit het door haar aangedragen bewijs. Handelaren erkennen dat er op executieveilingen werd samengewerkt, maar die samenwerking vond niet plaats op de door ACM beschreven wijze en was er volgens hen niet op gericht om de vrije prijsvorming op de executieveilingen te frustreren. Door de inzetlijsten als centraal uitgangspunt te nemen en de gedragingen van de handelaren daaraan te koppelen, om aldus te komen tot een verband van handelaren die actief waren op veilingen gedreven door eenzelfde doel, heeft ACM de zaak opgeblazen tot buitengewone proporties waarbij ook legitieme vormen van samenwerking tot de litigieuze gedragingen worden gerekend.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/b328bcd67be7f49de1acccd1ffb9422b5e2ef54a5508f45b90457578c15ad7c4. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt b328bcd67be7f49de1acccd1ffb9422b5e2ef54a5508f45b90457578c15ad7c4, en de alinea staat in dat document op bytes 75981 tot 76812.