Citaat | College van Beroep voor het bedrijfsleven 3 juli 2017

Onder 6.27 College van Beroep voor het bedrijfsleven 3 juli 2017

Een alinea uit College van Beroep voor het bedrijfsleven 3 juli 2017, ECLI:NL:CBB:2017:204.

“U vraagt mij of indien de afspraak binnen de groep niet zou hebben bestaan de inzet hoger zou zijn geweest. Dit is waarschijnlijk niet het geval omdat als je het object op de veiling wil kopen je beter niet met de inzet kunt meedoen. Je maakt je eigen prijs kapot als je inzet. Je maakt je ook bekend als potentiële koper. Meedoen met de inzet heeft een prijsopdrijvend effect. Indien bijvoorbeeld een buitenstaander aanwezig was en bij de inzet een bod deed, liet hij daarmee zien dat hij het pand eigenlijk graag wilde hebben. Wij profiteerden daar vaak van. [appellant 3a] [toevoeging College: de heer [appellant 3a] , appellant 3a] bracht dan het hoogste bod uit en gokte er op dat de buitenstaander het pand wel zou afmijnen. De groep was dan bijna zeker van de inzetpremie. Het was een gok maar meestal zat hij goed.”

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/b328bcd67be7f49de1acccd1ffb9422b5e2ef54a5508f45b90457578c15ad7c4. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt b328bcd67be7f49de1acccd1ffb9422b5e2ef54a5508f45b90457578c15ad7c4, en de alinea staat in dat document op bytes 105909 tot 106751.