Citaat | College van Beroep voor het bedrijfsleven 21 september 2017

Onder 4.4.3. College van Beroep voor het bedrijfsleven 21 september 2017

Een alinea uit College van Beroep voor het bedrijfsleven 21 september 2017, ECLI:NL:CBB:2017:312.

Met betrekking tot de in last I, last II en invorderingsbesluiten I, III en IV vermelde gedragingen van de in die besluiten genoemde of bedoelde individuele UberPOP-chauffeurs geldt het volgende. Uit de zich in het dossier bevindende processen-verbaal blijkt dat de in die besluiten genoemde chauffeurs op de in de besluiten genoemde datum en plaats personenvervoer per auto tegen betaling hebben verricht zonder dat zij toen over een vergunning beschikten als bedoeld in artikel 76, eerste lid, van de Wp2000. Dit vervoer heeft plaatsgevonden met gebruikmaking van de Uber app in het kader van UberPOP. Dit is door appellanten niet betwist. Gelet hierop gaat het College er in deze gedingen van uit dat voormelde besluiten in zoverre op een juiste feitelijke grondslag berusten.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/47300b132ba86356e76cd1bb59142dbe4224484cb2f4d7578c5434a2a001899d. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 47300b132ba86356e76cd1bb59142dbe4224484cb2f4d7578c5434a2a001899d, en de alinea staat in dat document op bytes 26850 tot 27644.