Citaat | College van Beroep voor het bedrijfsleven 12 oktober 2017
Onder 5.3 College van Beroep voor het bedrijfsleven 12 oktober 2017
Een alinea uit College van Beroep voor het bedrijfsleven 12 oktober 2017, ECLI:NL:CBB:2017:326.
[naam 1] en [naam 2] betogen eveneens dat de rechtbank op onjuiste wijze toepassing heeft gegeven aan het in artikel 10:3, vierde lid, van de Awb neergelegde functiescheidingsvereiste en bestrijden tevens de invulling die AFM daaraan geeft. Verkort weergegeven komt hun betoog op het volgende neer. Mede uit de door de rechtbank geciteerde parlementaire geschiedenis blijkt dat met het vereiste van functiescheiding een objectieve en onbevooroordeelde besluitvorming is beoogd. Van een objectieve en onbevooroordeelde besluitvorming door AFM was in dit geval geen sprake omdat de betrokken toezichthouder aanwezig is geweest tijdens de hoorzitting in bezwaar alsmede tijdens een voorbespreking en een nabespreking buiten aanwezigheid van [naam 1] en [naam 2] , de toezichthouder ook aanwezig is geweest bij de bestuursvergadering van AFM met betrekking tot de besluitvorming over de boeteoplegging en bij de bestuursvergadering van AFM met betrekking tot de besluitvorming op basis van de heroverweging in bezwaar, en ook overigens diverse contacten hebben plaatsgevonden tussen de toezichthouder en de boetefunctionaris respectievelijk de bezwaarbehandelaar. Onder verwijzing naar de parlementaire geschiedenis, in het bijzonder de Nota Boetestelsel in financiële wetgeving (Kamerstukken II 2004/05, 30 125, nr. 2, p. 15-16) stellen [naam 1] en [naam 2] dat de toezichthouder zich na overdracht van het dossier ter afdoening middels een boete, niet meer met de verdere behandeling mag kunnen bemoeien (op eventuele schriftelijke vragen na). Door de contacten die in dit geval hebben plaatsgevonden tussen enerzijds de toezichthouder en anderzijds de boetefunctionaris, bezwaarbehandelaar en/of het bestuur van AFM, is van een onafhankelijke en onbevooroordeelde besluitvorming omtrent de boeteoplegging en de heroverweging in bezwaar geen sprake geweest. De door de wetgever beoogde functiescheiding wordt volledig ondermijnd als dergelijk contact plaatsvindt. Daarom is voor [naam 1] onbegrijpelijk het oordeel van de rechtbank dat bij de besluitvorming, ondanks de daaraan klevende gebreken, steeds sprake is geweest van een feitelijke distantie en een onafhankelijke positie bij degenen die belast waren met de voorbereiding van de boetebesluiten. Nu AFM niet heeft aangetoond dat zij aan het vereiste van functiescheiding heeft voldaan, dienen de boetebesluiten te worden herroepen, aldus [naam 1] .
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/c666e75f7a2d68ea3989873289977c63c33d672294180b968756ceb803f660a5. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt c666e75f7a2d68ea3989873289977c63c33d672294180b968756ceb803f660a5, en de alinea staat in dat document op bytes 40709 tot 43138.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/c666e75f7a2d68ea3989873289977c63c33d672294180b968756ceb803f660a5 | shasum -a 256