Citaat | College van Beroep voor het bedrijfsleven 9 februari 2017

Onder 6.3 College van Beroep voor het bedrijfsleven 9 februari 2017

Een alinea uit College van Beroep voor het bedrijfsleven 9 februari 2017, ECLI:NL:CBB:2017:54.

Het College overweegt dat de gedeeltelijke gegrondverklaring van het hier aan de orde zijnde gedeelte van de klacht betrekking heeft op het in de klachtonderdelen 5 en 6 geformuleerde verwijt, voor zover dit inhoudt dat [naam 1] , door zonder instemming van zijn opdrachtgevers, althans [naam 2] , een loopbaanadviseur en een jurist in te schakelen, niet heeft gehandeld in overeenstemming met hetgeen hij blijkens zijn Reglement met hen was overeengekomen. In zoverre volgt het College de stelling van [naam 1] dat de onderdelen 2, 11 en 12 niet “in zoverre” gegrond hadden moeten worden verklaard. Aan de conclusie van de accountantskamer dat [naam 1] op het punt van de inschakeling laakbaar heeft gehandeld, doet dit echter niet af. Daartoe overweegt het College als volgt.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/7b39a77eb2fe4e0f7f97ac312eded986894853a7290ddfbd75a2e5ee7896c591. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 7b39a77eb2fe4e0f7f97ac312eded986894853a7290ddfbd75a2e5ee7896c591, en de alinea staat in dat document op bytes 34225 tot 35019.