Citaat | College van Beroep voor het bedrijfsleven 8 mei 2018

Onder 3.1 College van Beroep voor het bedrijfsleven 8 mei 2018

Een alinea uit College van Beroep voor het bedrijfsleven 8 mei 2018, ECLI:NL:CBB:2018:141.

Appellanten komen in hoger beroep niet op tegen de conclusies van de rechtbank over het ongewenste karakter van de gedragingen. Daarmee verband houdende beroepsgronden (zoals die over de merkbaarheid van de gedragingen, het bagatel karakter van de gedragingen, de afbakening van de relevante markt) alsmede de gronden met betrekking tot de onredelijk lange duur van de procedure en de aansprakelijkheid van appellante sub 2, dragen appellanten daarom niet verder aan in dit hoger beroep. Appellanten kunnen zich echter niet verenigen met het oordeel van de rechtbank over de hoogte van de opgelegde boete. Volgens appellanten is de vastgestelde boete buitensporig hoog, gelet op de gedragingen waar het om gaat. De hoogte van de boete is niet gemotiveerd en op een willekeurige manier bepaald, hetgeen het onevenredige karakter ervan mede verklaart. Bij brief van 20 december 2017 hebben appellanten de hogerberoepsgrond ten aanzien van de kwalificatie door de rechtbank van de gedragingen als gedragingen die de strekking hebben de mededinging te beperken, ingetrokken.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/a674f20dbe2ae6912b6475d5a2a49ebf4b09ebf7a2215d9c9bd17c3d184783de. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt a674f20dbe2ae6912b6475d5a2a49ebf4b09ebf7a2215d9c9bd17c3d184783de, en de alinea staat in dat document op bytes 10872 tot 11955.