Citaat | College van Beroep voor het bedrijfsleven 22 mei 2018
Onder 0.15 College van Beroep voor het bedrijfsleven 22 mei 2018
Een alinea uit College van Beroep voor het bedrijfsleven 22 mei 2018, ECLI:NL:CBB:2018:187.
De twee belangrijkste vragen zijn of dit stelsel (i) onverenigbaar is met algemene rechtsbeginselen of leidt tot onredelijke en willekeurige resultaten die de formele boetewetgever niet voor ogen kunnen hebben gestaan, dan wel (ii) rechtstreeks werkende verdragsbepalingen schendt, met name de art. 6 (onschuldpresumptie) en 7 ( lex certa ; voorzienbaarheid) EVRM en art. 1 Eerste Protocol EVRM (eigendomsgrondrecht). Meer specifiek gaat het er om (i) of de (lagere) wetgever met zijn aannames en veronderstellingen binnen redelijke grenzen is gebleven ‘which take into account the importance of what is at stake and maintain the rights of the defence’ (EHRM-zaken Salabiaku en, specifiek in de context van de Msw-problematiek, Klein Poelhuis ), en (ii) of hij de beboetbare feiten ex de art. 7/8 en 14 Msw c.a. ‘clearly defined in the law’ heeft, zodanig dat ‘the individual can know from the wording of the relevant provision (…) and, if need be, with the assistance of the courts’ interpretation of it, what acts and omissions will make him criminally liable’ ( foreseeability ;).
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/c68edc28be1d1ace7c16b2c6973e3f864813eda9b5f565f76d50b9a584ac0902. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt c68edc28be1d1ace7c16b2c6973e3f864813eda9b5f565f76d50b9a584ac0902, en de alinea staat in dat document op bytes 19414 tot 20661.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/c68edc28be1d1ace7c16b2c6973e3f864813eda9b5f565f76d50b9a584ac0902 | shasum -a 256