Citaat | College van Beroep voor het bedrijfsleven 22 mei 2018

Onder 5.2.4 College van Beroep voor het bedrijfsleven 22 mei 2018

Een alinea uit College van Beroep voor het bedrijfsleven 22 mei 2018, ECLI:NL:CBB:2018:187.

Zijn de wijze van technisch onderzoek en de vereiste betrouwbaarheid en representativiteit ervan in detail door de wetgever genormeerd en (daarmee ook) met waarborgen voor de verdachte omgeven, zodat die normering in wezen onderdeel is van de delictsomschrijving, zoals bij snelheids- en alcoholmetingen in het verkeer en DNA-onderzoek (‘geformaliseerd bewijs’), dan kan en zal de strafrechter veelal uitgaan van de betrouwbaarheid van de uitslag en, andersom, als die normering c.q. die waarborgen niet zijn nageleefd, de meting in beginsel onbruikbaar achten. Als de wettelijk voorgeschreven bepalingsregels en waarborgen zijn nageleefd, is voldaan aan de door de strafwetgever gewenste mate van betrouwbaarheid en representativiteit, zowel voor het bewijs dat-ie het wel gedaan heeft als voor het bewijs dat-ie het niet gedaan heeft. Zijn ze niet nageleefd, dan is het wettelijk vereiste bewijs niet voorhanden. De strafkamer van de Hoge Raad overwoog als volgt ter zake van de wettelijk voorgeschreven wijze van bloedonderzoek na een verkeersongeval:

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/c68edc28be1d1ace7c16b2c6973e3f864813eda9b5f565f76d50b9a584ac0902. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt c68edc28be1d1ace7c16b2c6973e3f864813eda9b5f565f76d50b9a584ac0902, en de alinea staat in dat document op bytes 198362 tot 199625.