Citaat | College van Beroep voor het bedrijfsleven 22 mei 2018

Onder 8.12 College van Beroep voor het bedrijfsleven 22 mei 2018

Een alinea uit College van Beroep voor het bedrijfsleven 22 mei 2018, ECLI:NL:CBB:2018:187.

Op deze manier begrepen ziet “what is at stake” derhalve op het legitieme doel dat de overheid met het vermoeden beoogt te dienen. (…). Daarbij hangt de aanvaardbaarheid van die doelstelling niet alleen af van het belang dat het vermoeden tracht te behartigen, maar soms ook van de aannemelijkheid van eventuele bewijsmoeilijkheden bij het ontbreken van dat vermoeden. Tot nu toe is wel louter in relatief lichtere, veel voorkomende criminaliteit aanleiding gezien vermoedens toelaatbaar te achten. Een benadering waarbij de verdenking van zeer ernstige feiten zelfstandig bijdroeg aan het oordeel dat artikel 6 EVRM niet was geschonden, is met betrekking tot de onschuldpresumptie – mijns inziens terecht – niet gehanteerd.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/c68edc28be1d1ace7c16b2c6973e3f864813eda9b5f565f76d50b9a584ac0902. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt c68edc28be1d1ace7c16b2c6973e3f864813eda9b5f565f76d50b9a584ac0902, en de alinea staat in dat document op bytes 289420 tot 290237.