Citaat | College van Beroep voor het bedrijfsleven 10 januari 2018

Onder 1.2 College van Beroep voor het bedrijfsleven 10 januari 2018

Een alinea uit College van Beroep voor het bedrijfsleven 10 januari 2018, ECLI:NL:CBB:2018:2.

Op 26 november 2013 hebben toezichthouders van DNB een onderzoek uitgevoerd in de vestiging van [naam 1] B.V. ( [naam 1] ) te Amsterdam. Op grond van de daar aangetroffen informatie is bij DNB het vermoeden ontstaan dat vanuit de vestiging van [naam 1] en een viertal nevenvestigingen van [naam 2] B.V. ( [naam 2] ) bedragen zijn uitbetaald aan begunstigden in Nederland voor opdrachtgevers in Suriname en vice versa, en dat MTE, een in Suriname gevestigd wisselkantoor, hierbij nauw betrokken is (geweest). Dit is voor de toezichthouders van DNB aanleiding geweest om een vervolgonderzoek te verrichten naar de vermoedelijke overtreding door [naam 1] en [naam 2] van artikel 2:3a, eerste lid, van de Wet op het financieel toezicht (Wft), alsmede de vermoedelijke overtreding door MTE van artikel 2:3f, eerste lid, aanhef en onder a, van de Wft. Op grond van dit laatste artikel, zoals het luidde ten tijde van belang, is het een ieder met zetel in een staat die geen EU-lidstaat is, noch partij is bij de Overeenkomst betreffende de Europese Economische Ruimte, verboden in Nederland het bedrijf van betaaldienstverlener uit te oefenen.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/e7a83a89725a476980b7aae7b9cc39f52cb4ff7ea1d828521d1fc32a5a5dd930. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt e7a83a89725a476980b7aae7b9cc39f52cb4ff7ea1d828521d1fc32a5a5dd930, en de alinea staat in dat document op bytes 6809 tot 7960.