Citaat | College van Beroep voor het bedrijfsleven 19 juni 2018

Onder 4.4 College van Beroep voor het bedrijfsleven 19 juni 2018

Een alinea uit College van Beroep voor het bedrijfsleven 19 juni 2018, ECLI:NL:CBB:2018:290.

Appellant heeft gewezen op het tijdsverloop en beroept zich op matiging van de boete vanwege overschrijding van de redelijke termijn. In punitieve zaken geldt het uitgangspunt dat de redelijke termijn voor een procedure in drie instanties in beginsel niet is overschreden als die procedure in haar geheel niet langer dan vier jaar in beslag heeft genomen. Daarbij geldt dat deze termijn een aanvang neemt vanaf het moment waarop een handeling is verricht waaraan de betrokkene in redelijkheid de verwachting kan ontlenen dat hem een bestuurlijke boete wordt opgelegd. Dat is in dit geval 30 juni 2011, de datum waarop het voornemen tot boeteoplegging aan appellant is meegedeeld. Gelet op het feit dat de totale procedure ter zake van de boete ten tijde van de einduitspraak de termijn van vier jaar heeft overschreden met twee jaar en ruim elf maanden, wordt de vast te stellen boete om die reden verder gematigd. Ten aanzien van de toepasselijke compensatie overweegt het College als volgt.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/6015463b9c9d49fb720c07ee1e9e6e5d0779f3393bf376e4777b7357f93fe574. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 6015463b9c9d49fb720c07ee1e9e6e5d0779f3393bf376e4777b7357f93fe574, en de alinea staat in dat document op bytes 14945 tot 15964.