Citaat | College van Beroep voor het bedrijfsleven 26 juni 2018
Alinea 48 College van Beroep voor het bedrijfsleven 26 juni 2018
Een alinea uit College van Beroep voor het bedrijfsleven 26 juni 2018, ECLI:NL:CBB:2018:295.
Tegen het oordeel van de accountantskamer dat het innemen van civielrechtelijke standpunten door een als advocaat werkzame accountant in business die namens een cliënt procedeert en/of daarmee samenhangende handelingen verricht, slechts onder bijzondere omstandigheden tot een gegrond tuchtrechtelijk verwijt kan leiden, is geen grief geformuleerd. Ook het College is van oordeel dat een accountant bij het innemen van civielrechtelijke standpunten in de hoedanigheid van advocaat ruimte toekomt in het presenteren van (feitelijke) stellingen en daarop gebaseerde argumenten. Die ruimte is echter niet onbegrensd. De grens wordt in ieder geval overschreden als de accountant, zoals appellant in de onderhavige procedure aanvoert, feitelijke gegevens presenteert of zaken voorstelt waarvan hij weet of behoort te weten dat deze onjuist zijn.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/ea8bb1054c4f1dabd0fdde0aca8870f1581ead606348dc843ce4adb1e090ae65. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt ea8bb1054c4f1dabd0fdde0aca8870f1581ead606348dc843ce4adb1e090ae65, en de alinea staat in dat document op bytes 19382 tot 20236.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/ea8bb1054c4f1dabd0fdde0aca8870f1581ead606348dc843ce4adb1e090ae65 | shasum -a 256