Citaat | College van Beroep voor het bedrijfsleven 10 januari 2018
Onder 5.3 College van Beroep voor het bedrijfsleven 10 januari 2018
Een alinea uit College van Beroep voor het bedrijfsleven 10 januari 2018, ECLI:NL:CBB:2018:3.
Het College kan appellanten evenmin volgen in hun betoog dat DNB niet in redelijkheid gebruik heeft kunnen maken van haar bevoegdheid om aan appellanten de lasten onder dwangsom - en daaraan voorafgaand de inlichtingenvorderingen - op te leggen. Het College overweegt daartoe dat de bij het onderzoek ter plaatse bij [naam 2] aangetroffen informatie een voldoende rechtvaardiging vormt voor het bij DNB ontstane vermoeden dat appellanten de Wft hebben overtreden. Dat ontstane vermoeden vormde naar het oordeel van het College voor DNB voldoende basis om nader onderzoek te doen naar de door appellanten verrichte activiteiten om te kunnen vaststellen of appellanten al dan niet een overtreding van de Wft hebben begaan. Daartoe heeft DNB, begrijpelijkerwijs, nodig geacht dat zij een volledig beeld krijgt van de activiteiten die appellanten hebben verricht, alsmede van de personen die daarbij zijn betrokken, zodat zij op basis daarvan kan bepalen op welke wijze zij eventueel nader (handhavend) dient op te treden en tegen wie. Het College ziet niet in waarom de gevorderde inlichtingen daartoe niet een geschikt middel vormen.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/ef33df38992725c0e889cf8410dd15e0e23eee4eb83e713ddf62e1afc712707a. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt ef33df38992725c0e889cf8410dd15e0e23eee4eb83e713ddf62e1afc712707a, en de alinea staat in dat document op bytes 19984 tot 21128.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/ef33df38992725c0e889cf8410dd15e0e23eee4eb83e713ddf62e1afc712707a | shasum -a 256