Citaat | College van Beroep voor het bedrijfsleven 21 augustus 2018
Onder 8.7.5 College van Beroep voor het bedrijfsleven 21 augustus 2018
Een alinea uit College van Beroep voor het bedrijfsleven 21 augustus 2018, ECLI:NL:CBB:2018:417.
9. Anders dan appellante, is het College van oordeel dat het bestreden besluit niet in strijd met artikel 8, eerste lid, van de Regeling is genomen. Voor zover appellante meent dat een heffing op grond van de Regeling al is verschuldigd vanaf het verstrijken van de periode waarvoor de heffing is opgelegd, is die veronderstelling niet juist. Een op grond van de Regeling opgelegde heffing is pas verschuldigd vanaf het moment dat de heffing (in een beschikking) is opgelegd. Vóór de primaire besluiten was appellant dus geen heffing verschuldigd. Daarna wel. Voor zover appellante betoogt dat verweerder niet meer bevoegd was om een heffing op te leggen, nadat de tweede maand van de desbetreffende periode al was verstreken, volgt het College dat betoog evenmin. De inningstermijn in de Regeling is niet dwingend, maar regelend van aard.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/97fdf81c77dfcfb2f04b5e8412ccd4befdfcd41008305bd9e08820193ffab812. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 97fdf81c77dfcfb2f04b5e8412ccd4befdfcd41008305bd9e08820193ffab812, en de alinea staat in dat document op bytes 63349 tot 64204.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/97fdf81c77dfcfb2f04b5e8412ccd4befdfcd41008305bd9e08820193ffab812 | shasum -a 256