Citaat | College van Beroep voor het bedrijfsleven 11 september 2018

Onder 7.2 College van Beroep voor het bedrijfsleven 11 september 2018

Een alinea uit College van Beroep voor het bedrijfsleven 11 september 2018, ECLI:NL:CBB:2018:465.

Het College stelt vast dat in de telemarketinggesprekken volgens de hiervoor gememoreerde belscripts niet wordt vermeld dat het puzzelblad iedere vier weken zal worden geleverd, dat een halfjaarabonnement uit zeven exemplaren bestaat en wat daarvoor de totaalprijs is. Met de rechtbank is het College van oordeel dat niet valt in te zien dat in telemarketinggesprekken deze informatie niet kan worden gegeven en dat het niet volstaat om deze informatie achteraf aan de koper te verstrekken. De omstandigheid dat in de telemarketinggesprekken wel andere kenmerken van het (abonnement op het) puzzelblad worden genoemd kan aan het voorgaande niet afdoen. Het College is hierom van oordeel dat de rechtbank de handelspraktijk van appellante 1 met juistheid heeft gekwalificeerd als een misleidende omissie ten aanzien van de prijs, de voornaamste kenmerken en de wijze van uitvoering van het halfjaarabonnement. De stelling van appellanten dat ACM de omstandigheid dat in de telemarketinggesprekken de verschijningfrequentie van het puzzelblad niet is genoemd ten onrechte heeft gekwalificeerd als misleidende omissie ten aanzien van de wijze van uitvoering van het halfjaarabonnement, zoals bedoeld in artikel 7:46c, eerste lid, aanhef en onder e, BW, biedt geen aanleiding voor een ander oordeel. Naar het oordeel van het College kan deze stelling er enkel in resulteren dat het niet noemen van de verschijningsfrequentie dient te vallen onder het bepaalde in 7:46c, eerste lid, aanhef en onder b of c, BW. De conclusie van ACM dat sprake is geweest van een misleidende omissie is daarmee niet onjuist. Het College is tevens met de rechtbank van oordeel dat voor de vaststelling van de begane overtredingen niet is vereist dat er een aantoonbaar verband moet zijn tussen de handelspraktijk en de beslissing van de consument. Van belang is dat voor de consument geen essentiële informatie wordt achtergehouden waardoor hij een besluit over een overeenkomst neemt of kan nemen, dat hij anders niet had genomen. Deze beroepsgrond slaagt daarom evenmin.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/ef29f2bb375dc88e99625404487a703f25d2c7a865fa2474f50e90bafb1206a0. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt ef29f2bb375dc88e99625404487a703f25d2c7a865fa2474f50e90bafb1206a0, en de alinea staat in dat document op bytes 34176 tot 36240.