Citaat | College van Beroep voor het bedrijfsleven 17 oktober 2018

Onder 2.6 College van Beroep voor het bedrijfsleven 17 oktober 2018

Een alinea uit College van Beroep voor het bedrijfsleven 17 oktober 2018, ECLI:NL:CBB:2018:522.

In het verweerschrift van 14 september 2018 heeft verweerder gemotiveerd verweer gevoerd. Ten aanzien van het standpunt dat er ook in het individuele geval van appellanten geen sprake is van strijd met artikel 1 van het EP, omdat van een buitensporige last geen sprake is, heeft verweerder een nader standpunt ingenomen. In dat verband heeft verweerder onder meer een aantal kritische kanttekeningen geplaatst bij hetgeen is aangevoerd omtrent de financiële positie van appellanten. Verweerder komt tot de conclusie dat onvoldoende aannemelijk is dat invoering van het fosfaatrechtenstelsel discontinuïteit van de bedrijven van appellanten tot gevolg heeft. Daarnaast is volgens verweerder niet gebleken van bijzondere omstandigheden, die geen verband houden met de beslissingen van appellanten tot uitbreiding van hun respectieve bedrijven. Ter zitting is gewezen op de brief van de minister aan de Tweede Kamer van 14 september 2018 (Kamerstukken II, 2017-2018, 33 037, nr. 309) waarin het (nieuw vastgestelde) beleidskader is uiteengezet.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/90a27cdc20f478e4b93a4a46a0fd8485ae92616eb9b4e0fc1243c31e10586e32. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 90a27cdc20f478e4b93a4a46a0fd8485ae92616eb9b4e0fc1243c31e10586e32, en de alinea staat in dat document op bytes 19112 tot 20169.