Citaat | College van Beroep voor het bedrijfsleven 23 april 2019
Onder 7.3.1. College van Beroep voor het bedrijfsleven 23 april 2019
Een alinea uit College van Beroep voor het bedrijfsleven 23 april 2019, ECLI:NL:CBB:2019:150.
Het College ziet in de wijze waarop ACM onderzoek heeft verricht - dat zij jegens [naam 1] heeft voortgezet en jegens [naam 7] en [naam 8] heeft beëindigd - en de wijze waarop zij vervolgens het procesdossier in deze zaak (en de zaak [naam 11] ) heeft ingericht, geen grond voor het oordeel dat ACM vooringenomen dan wel partijdig jegens [naam 1] zou hebben gehandeld. De door [naam 1] genoemde omstandigheden dat enige tijd (ruim een jaar) is verstreken tussen het door ACM ontvangen signaal en de bedrijfsbezoeken en dat ACM het onderzoek naar een mogelijke overtreding door [naam 7] en [naam 8] heeft beëindigd, zijn daarvoor, mede gelet op de door ACM gegeven toelichting, onvoldoende.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/10ea4efb79f983f843f8bae9235421aa6a78cea7e7bd297449c69189a4f977be. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 10ea4efb79f983f843f8bae9235421aa6a78cea7e7bd297449c69189a4f977be, en de alinea staat in dat document op bytes 77953 tot 78691.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/10ea4efb79f983f843f8bae9235421aa6a78cea7e7bd297449c69189a4f977be | shasum -a 256