Citaat | College van Beroep voor het bedrijfsleven 23 april 2019

Onder 9.3.3. College van Beroep voor het bedrijfsleven 23 april 2019

Een alinea uit College van Beroep voor het bedrijfsleven 23 april 2019, ECLI:NL:CBB:2019:150.

Het College volgt [naam 1] niet in haar betoog dat de wilsovereenstemming tussen [naam 1] en [naam 4] , gelet op de context waarin de overeenkomst tot stand is gekomen, niet zou zien op een onderlinge werkverdeling maar enkel op “wederzijds bedrog” van [naam 3] en haar leden, en de overeenkomst in zoverre slechts een schijnconstructie was. ACM wijst terecht op de door betrokkenen van [naam 4] en [naam 1] afgelegde verklaringen waaruit duidelijk blijkt dat de wilsovereenstemming van [naam 1] en [naam 4] zag op een daadwerkelijke onderlinge werkverdeling die langer zou duren, en in de praktijk langer heeft geduurd, dan een week. Het College wijst in dat verband bijvoorbeeld op het volgende.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/10ea4efb79f983f843f8bae9235421aa6a78cea7e7bd297449c69189a4f977be. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 10ea4efb79f983f843f8bae9235421aa6a78cea7e7bd297449c69189a4f977be, en de alinea staat in dat document op bytes 96841 tot 97555.