Citaat | College van Beroep voor het bedrijfsleven 7 mei 2019

Onder 3.1.1 College van Beroep voor het bedrijfsleven 7 mei 2019

Een alinea uit College van Beroep voor het bedrijfsleven 7 mei 2019, ECLI:NL:CBB:2019:177.

Appellante meent dat de rechtbank conclusies had moeten verbinden aan de overschrijding van de termijn van artikel 5:51 van de Awb door AFM (grond 12). Appellante komt op tegen het oordeel van de rechtbank dat appellante niet in haar verdedigingsbelang is geschaad omdat zij niet in de gelegenheid is gesteld om zich in haar zienswijze uit te laten over de hoogte van de (voorgenomen) boete en daarvoor relevante aspecten (grond 13). Appellante heeft verder (in grond 14) aangevoerd dat in het boetevoornemen ten onrechte geen inzicht is gegeven in de voorgenomen wijze van openbaarmaking van een boetebesluit.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/2b69290fe5cfaa0afedb4a7196378093075f747bf8873cfb5e8e50deddd08633. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 2b69290fe5cfaa0afedb4a7196378093075f747bf8873cfb5e8e50deddd08633, en de alinea staat in dat document op bytes 20413 tot 21049.