Citaat | College van Beroep voor het bedrijfsleven 9 januari 2019

Onder 5.3 College van Beroep voor het bedrijfsleven 9 januari 2019

Een alinea uit College van Beroep voor het bedrijfsleven 9 januari 2019, ECLI:NL:CBB:2019:2.

Bij de beoordeling komt gewicht toe aan alle omstandigheden van het geval, onder meer de omstandigheid dat getroffen bedrijven legaal zijn gestart of uitgebreid en investeringen hebben gedaan, op grond van door de overheid verleende vergunningen voor het houden van een specifiek aantal melkkoeien en jongvee. De waarde van de fosfaatrechten op de markt maakt dat een tekort aan rechten niet eenvoudig kan worden aangevuld. Daarbij zullen, zo heeft het College overwogen, beperkte knelvoorzieningen en het ontbreken van een overgangstermijn sneller kunnen leiden tot de conclusie dat er sprake is van een buitensporige last in het individuele geval. Dat laat onverlet dat gelet op de (parlementaire) voorgeschiedenis voor melkveehouders duidelijk kon zijn dat ongeremde groei van de veestapel niet mogelijk zou zijn en dat na afschaffing van de melkquota mogelijk toch nog andere maatregelen, waaronder productiebeperkende maatregelen, zouden volgen. Al deze omstandigheden spelen een rol bij de vraag of er sprake is van een onevenredige last.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/60657eb5325b253060c754e760e6a324cfec8f777a4e6ee4c038a45c7a964d60. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 60657eb5325b253060c754e760e6a324cfec8f777a4e6ee4c038a45c7a964d60, en de alinea staat in dat document op bytes 20632 tot 21690.