Citaat | College van Beroep voor het bedrijfsleven 9 januari 2019

Onder 4.2 College van Beroep voor het bedrijfsleven 9 januari 2019

Een alinea uit College van Beroep voor het bedrijfsleven 9 januari 2019, ECLI:NL:CBB:2019:7.

In het verweerschrift en het nadere verweerschrift heeft verweerder nader gemotiveerd waarom in het geval van appellante geen strijd met artikel 1 van het EP wordt aangenomen. Daarbij is verweerder ingegaan op de door appellante ingediende financiële gegevens en de door haar ingebrachte persoonlijke omstandigheden. Appellante onderscheidt zich volgens verweerder niet van andere ondernemers die al voor de peildatum vergelijkbare investeringen hebben gedaan. Gelet op de voorzienbaarheid behoren de gevolgen van de ondernemersbeslissing om uit te breiden tot het ondernemersrisico. Appellante heeft eerst na de peildatum een NB-vergunning aangevraagd en gekregen. Pas na verlening van de NB-vergunning kon appellante rechtsgeldig starten met de uitbreiding. Appellante was als grondgebonden onderneming niet gedwongen haar oorspronkelijke veestapel in te krimpen naar aanleiding van het fosfaatrechtenstelsel. Verweerder heeft verder kanttekeningen geplaatst bij de overgelegde financiële stukken. Dat de continuïteit van het bedrijf in gevaar zou zijn, heeft verweerder betwist.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/1be5d5cdcfedea51a7738e5aa0a436c751dbf7b8dea06ffc23e91f3d7a953f87. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 1be5d5cdcfedea51a7738e5aa0a436c751dbf7b8dea06ffc23e91f3d7a953f87, en de alinea staat in dat document op bytes 14033 tot 15131.