Citaat | College van Beroep voor het bedrijfsleven 31 maart 2020
Onder 5.2 College van Beroep voor het bedrijfsleven 31 maart 2020
Een alinea uit College van Beroep voor het bedrijfsleven 31 maart 2020, ECLI:NL:CBB:2020:211.
Verder betwist verweerder dat op appellante een individuele en buitensporige last rust. Weliswaar hebben zich op het bedrijf van appellante bijzondere individuele omstandigheden voorgedaan, maar de wetgever heeft voor deze bijzondere omstandigheden voorzien in de knelgevallenregeling. Nu appellante hiervoor niet in aanmerking komt, kan niet worden volgehouden dat in het geval van appellante sprake is van een individuele en buitensporige last. Daarnaast had appellante gezien de voorzienbaarheid van de productiebeperkende maatregelen een zekere mate van voorzichtigheid moeten betrachten en zich moeten realiseren dat de beoogde uitbreiding en de daarmee samenhangende investeringen voor haar een ondernemersrisico betekende. Appellante heeft onvoldoende inzichtelijk gemaakt hoe en in welke mate haar bedrijf door de invoering van het fosfaatrechtenstelsel is geraakt. Ook is niet gebleken dat appellante op het moment van de uitbreiding geen andere bedrijfskeuze had kunnen maken dan wel dat de uitbreiding uit bedrijfseconomisch oogpunt noodzakelijk was. Ten slotte heeft appellante een deel van de door haar beoogde uitbreiding kunnen realiseren.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/020baf182013ca15d6a2603c613b154466dfb726f690a18a34388002ede47208. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 020baf182013ca15d6a2603c613b154466dfb726f690a18a34388002ede47208, en de alinea staat in dat document op bytes 15772 tot 16940.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/020baf182013ca15d6a2603c613b154466dfb726f690a18a34388002ede47208 | shasum -a 256