Citaat | College van Beroep voor het bedrijfsleven 28 april 2020

Onder 4.2 College van Beroep voor het bedrijfsleven 28 april 2020

Een alinea uit College van Beroep voor het bedrijfsleven 28 april 2020, ECLI:NL:CBB:2020:307.

ACM stelt zich op het standpunt dat [naam 1] toegang wil tot stukken die zich niet in het dossier bevinden en waar ACM het besluit niet op heeft gebaseerd. [naam 1] heeft niet gemotiveerd waarom die stukken voor haar verdediging van belang kunnen zijn. Die motivering geeft zij ook in deze hoger beroepsprocedure niet. ACM heeft er desalniettemin oog voor gehad dat [naam 1] zich in een bijzondere positie bevindt, omdat zij niet meer werkzaam is bij [naam 2] . ACM heeft de gemachtigde van [naam 1] (onder geheimhouding) de mogelijkheid geboden toegang te krijgen tot de digitale bestanden van [naam 1] die zich in de onderzoeksdataset bevinden. Hiermee is ACM op evenwichtige wijze tegemoet gekomen aan zowel het verdedigingsbelang van [naam 1] als het belang op vertrouwelijkheid van [naam 3] , de huidige eigenaar van de digitale stukken. De keuze om van de geboden mogelijkheid geen gebruik te maken dient voor rekening van [naam 1] te blijven. De stelling dat ACM in strijd met de Werkwijze heeft gehandeld, is onjuist. [naam 1] heeft als feitelijk leidinggever geen zelfstandig recht op verstrekking van overzichten om daarin aan te geven of zich in de “binnen de reikwijdte” dataset geprivilegieerde- of privégegevens bevonden.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/be5522f8238b91211726c8d2995a2c4ac6533f7bc4fd9a32147709501e12d478. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt be5522f8238b91211726c8d2995a2c4ac6533f7bc4fd9a32147709501e12d478, en de alinea staat in dat document op bytes 30881 tot 32135.