Citaat | College van Beroep voor het bedrijfsleven 30 juni 2020
Onder 7.1 College van Beroep voor het bedrijfsleven 30 juni 2020
Een alinea uit College van Beroep voor het bedrijfsleven 30 juni 2020, ECLI:NL:CBB:2020:419.
De rechtbank heeft, samengevat, overwogen dat de enkele omstandigheid dat AFM naast appellant mogelijk ook de bestuurders van [naam 3] als feitelijk leidinggevers zou kunnen aanspreken, los staat van de bevoegdheid om appellant te beboeten als feitelijk leidinggevende aan de overtreding van (de nevenvestiging [naam 6] van) appellante, de normadressaat. [naam 7] kan een ander verwijt worden gemaakt dan appellant en daarnaast verschilt de positie van appellant en [naam 7] in die zin dat [naam 7] beleidsbepaler is bij [naam 3] , die onder toezicht staat van CSSF. Naar het oordeel van de rechtbank heeft AFM zich voldoende gemotiveerd op het standpunt gesteld dat zij uit het oogpunt van opportuniteit van beboeting van [naam 7] op dit punt heeft afgezien omdat toezicht met een internationaal karakter complex is. Gelet op deze overwegingen is volgens de rechtbank geen sprake van willekeur.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/25ab77eb0adeb21cdae6ed3772ffb7b6f6be780f624ef54badcb3bbba821ce35. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 25ab77eb0adeb21cdae6ed3772ffb7b6f6be780f624ef54badcb3bbba821ce35, en de alinea staat in dat document op bytes 57583 tot 58491.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/25ab77eb0adeb21cdae6ed3772ffb7b6f6be780f624ef54badcb3bbba821ce35 | shasum -a 256