Citaat | College van Beroep voor het bedrijfsleven 5 november 2020
Onder 5.6 College van Beroep voor het bedrijfsleven 5 november 2020
Een alinea uit College van Beroep voor het bedrijfsleven 5 november 2020, ECLI:NL:CBB:2020:800.
Gelet op de hiervoor weergegeven overwegingen in de uitspraak van 18 december 2018 (ECLI:NL:CBB:2018:653) en de drie hiervoor genoemde verweren die verweerder heeft ontwikkeld om te motiveren waarom een deel van de opgelegde boetes naar zijn mening toch stand kan houden vraagt het College de minister zo mogelijk ook nog het volgende bij zijn beantwoording te betrekken. Het is mogelijk dat alle drie de verweren falen, in welk geval geen enkele boete waarop deze verweren betrekking hebben stand kan houden. Het is ook mogelijk dat zij alle drie slagen, in welk geval het College nog steeds moet beoordelen of sprake is van willekeur. En het is mogelijk dat deze verweren deels wel en deels niet slagen, waardoor nog meer boetes niet in stand kunnen blijven. Kan de minister bij benadering aangeven hoeveel procent van de boetes nog gehandhaafd blijft als slechts één of twee van deze verweren doel zou treffen en kan de minister ook voor die situaties aangeven of, en zo ja, waarom hij meent dat ook dan nog steeds sprake is van een consistente handhaving?
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/c8115be798b3ea1b351c96d509344384c418895e9682949f80f8cc84d3560a71. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt c8115be798b3ea1b351c96d509344384c418895e9682949f80f8cc84d3560a71, en de alinea staat in dat document op bytes 26129 tot 27203.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/c8115be798b3ea1b351c96d509344384c418895e9682949f80f8cc84d3560a71 | shasum -a 256