Citaat | College van Beroep voor het bedrijfsleven 11 februari 2020

Onder 6.3. College van Beroep voor het bedrijfsleven 11 februari 2020

Een alinea uit College van Beroep voor het bedrijfsleven 11 februari 2020, ECLI:NL:CBB:2020:84.

Appellante wordt wel gevolgd in haar betoog dat verweerder in het bestreden besluit onvoldoende is ingegaan op de in bezwaar gestelde strijd met artikel 1 van het EP. In het bestreden besluit is door verweerder de conclusie getrokken dat van een individuele en buitensporige last geen sprake is omdat bijzondere omstandigheden, anders dan een financiële last, zijn gesteld noch gebleken. Eerst in het in onderhavige beroepsprocedure overgelegde verweerschrift is verweerder nader op de gestelde individuele en buitensporige last ingegaan. Dit leidt tot het oordeel dat het bestreden besluit in strijd met artikel 7:12 van de Algemene wet bestuursrecht (Awb) niet deugdelijk is gemotiveerd. Het College ziet aanleiding het gebrek te passeren met toepassing van artikel 6:22 van de Awb, aangezien aannemelijk is dat appellante door dit gebrek niet is benadeeld. Ook als dit gebrek zich niet zou hebben voorgedaan zou een besluit met gelijke uitkomst zijn genomen. Dit leidt ertoe dat het beroep ongegrond zal worden verklaard.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/d64df9f177ef606de80efcb7200b460e704c50e2c12dc3e6b4b002ae445c060b. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt d64df9f177ef606de80efcb7200b460e704c50e2c12dc3e6b4b002ae445c060b, en de alinea staat in dat document op bytes 18005 tot 19043.