Citaat | College van Beroep voor het bedrijfsleven 2 februari 2021

Onder 3.6 College van Beroep voor het bedrijfsleven 2 februari 2021

Een alinea uit College van Beroep voor het bedrijfsleven 2 februari 2021, ECLI:NL:CBB:2021:101.

Naar het oordeel van het College kan de vraag of appellante, zoals DNB betwist, in beroep nog nieuwe stukken kon inbrengen als bewijs voor haar stelling dat zij wel aan haar kennis- en onderzoekverplichtingen uit de Rib 2014 heeft voldaan, in het midden blijven. Het College overweegt daartoe dat de in beroep bij de rechtbank nieuw overgelegde stukken, zoals uit het hierna volgende zal blijken, niet aantonen dat appellante daarmee aan de desbetreffende kennis- en onderzoekverplichtingen uit hoofde van de Rib 2014 heeft voldaan. Appellante heeft de verschillende door DNB vastgestelde overtredingen van de Rib 2014 gemotiveerd betwist. Het College zal daarom hierna beoordelen of appellante de door DNB aan de overtreding ten grondslag gelegde bepalingen van de Rib 2014 heeft overtreden.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/ff11a65327eeea86815d60c750e6fd7526f5f2839c4c08d67863ef020f39b7a8. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt ff11a65327eeea86815d60c750e6fd7526f5f2839c4c08d67863ef020f39b7a8, en de alinea staat in dat document op bytes 18760 tot 19565.