Citaat | College van Beroep voor het bedrijfsleven 2 februari 2021

Onder 5.8.1 College van Beroep voor het bedrijfsleven 2 februari 2021

Een alinea uit College van Beroep voor het bedrijfsleven 2 februari 2021, ECLI:NL:CBB:2021:101.

DNB heeft in beroep en hoger beroep uiteengezet op welke gronden zij tot een gematigde ‘gelijke’ boete voor de drie trustkantoren is gekomen en dat en waarom de verschillen in aantal en omvang van de overtredingen niet tot een andere uitkomst hebben geleid. DNB is tot matiging overgegaan vanwege de beperkte omvang van de drie trustkantoren in verhouding tot de omvang van andere trustkantoren in de sector. Het gaat om relatief kleine spelers ten opzichte van andere trustkantoren. DNB heeft toegelicht dat de bijzondere omstandigheden zijn meegewogen, maar dat deze geen aanleiding vormden om tot een nadere matiging over te gaan. DNB heeft bij het bepalen van de boetehoogte van betekenis geacht dat de verschillen tussen de trustkantoren onderling in omzet, het aantal overtredingen respectievelijk het aantal onderzochte dossiers afgezet tegen het aantal beheerde dossiers, niet zo zwaar wegen dat zij bovenop de matiging vanwege de beperkte omvang nog verdere matiging of differentiatie rechtvaardigen. Volgens DNB is de aard en ernst van de overtreding gelijk en hetzelfde geldt voor de duur van de overtreding en de verwijtbaarheid. Gemene deler van de drie trustkantoren is dat zij alle drie kernbepalingen uit de Wtt en de Rib 2014 hebben overtreden.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/ff11a65327eeea86815d60c750e6fd7526f5f2839c4c08d67863ef020f39b7a8. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt ff11a65327eeea86815d60c750e6fd7526f5f2839c4c08d67863ef020f39b7a8, en de alinea staat in dat document op bytes 47983 tot 49262.