Citaat | College van Beroep voor het bedrijfsleven 25 januari 2022
Onder 4.3.1 College van Beroep voor het bedrijfsleven 25 januari 2022
Een alinea uit College van Beroep voor het bedrijfsleven 25 januari 2022, ECLI:NL:CBB:2022:46.
Wat betreft de hoogte van de dwangsom wegens niet tijdig beslissen overweegt het College als volgt. Ingevolge artikel 7:10, eerste lid, van de Awb beslist het bestuursorgaan binnen zes weken of – indien een commissie als bedoeld in artikel 7:13 van de Awb is ingesteld – binnen twaalf weken, gerekend vanaf de dag na die waarop de termijn voor het indienden van het bezwaarschrift is verstreken. Ingevolge het derde lid kan het bestuursorgaan de beslissing voor ten hoogste zes weken verdagen. Op grond van artikel 4:17, eerste lid, eerste volzin, van de Awb verbeurt het bestuursorgaan, indien een beschikking op aanvraag niet tijdig wordt gegeven, aan de aanvrager een dwangsom voor elke dag dat het in gebreke is, doch voor ten hoogste 42 dagen. In het derde lid is bepaald dat de eerste dag waarover de dwangsom verschuldigd is, de dag is waarop twee weken zijn verstreken na de dag waarop de termijn voor het geven van de beschikking is verstreken en het bestuursorgaan van de aanvrager een schriftelijke ingebrekestelling heeft ontvangen.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/0bd42b4d956fbb755e5e72b11b51d99107cf01409b2033cff42c091930579696. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 0bd42b4d956fbb755e5e72b11b51d99107cf01409b2033cff42c091930579696, en de alinea staat in dat document op bytes 30592 tot 31654.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/0bd42b4d956fbb755e5e72b11b51d99107cf01409b2033cff42c091930579696 | shasum -a 256