Citaat | College van Beroep voor het bedrijfsleven 7 september 2023
Onder 7.20 College van Beroep voor het bedrijfsleven 7 september 2023
Een alinea uit College van Beroep voor het bedrijfsleven 7 september 2023, ECLI:NL:CBB:2023:476.
Ten slotte passen nog enige opmerkingen over de bewijs(voerings)last betreffende de gronden voor verschoonbaarheid ingevolge artikel 6:11 Awb. In zaken over de toepassing van rechtsmiddeltermijnen ligt de bewijslast dat belanghebbende de bezwaar- of beroepstermijn heeft overschreden bij het bestuursorgaan. Aan deze bewijslast is in alle zaken, waarin deze conclusie wordt genomen, voldaan. Volgens vaste rechtspraak van de bestuursrechters mag het bestuursorgaan, onderscheidenlijk de bestuursrechter niet tot niet-ontvankelijkheid op grond van de overschrijding overgaan zonder de burger in de gelegenheid te hebben gesteld feiten en omstandigheden aan te voeren op grond waarvan zou kunnen of moeten worden geconcludeerd tot verschoonbaarheid van een vastgesteld termijnoverschrijding. De bewijsvoeringslast voor deze feiten en omstandigheden die aanleiding kunnen geven tot toepassing van artikel 6:11 Awb ligt aldus bij belanghebbende. Dat is logisch, want alleen belanghebbende kan helderheid bieden over feiten en omstandigheden die zijn beperkte doenvermogen aannemelijk maken. Wel gelden wat mij betreft daarbij twee uitgangspunten.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/4acbd6ffd28565b146eb823cbe0423d7eaf24c8c718bc40420043a00e1036b1b. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 4acbd6ffd28565b146eb823cbe0423d7eaf24c8c718bc40420043a00e1036b1b, en de alinea staat in dat document op bytes 193528 tot 194811.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/4acbd6ffd28565b146eb823cbe0423d7eaf24c8c718bc40420043a00e1036b1b | shasum -a 256