Citaat | College van Beroep voor het bedrijfsleven 22 juli 2025

Onder 14.1 College van Beroep voor het bedrijfsleven 22 juli 2025

Een alinea uit College van Beroep voor het bedrijfsleven 22 juli 2025, ECLI:NL:CBB:2025:385.

Het College is van oordeel dat de ACM de gedragingen terecht heeft aangemerkt als ertoe strekkend de mededinging te beperken. De rechtbank heeft op basis van de arresten HSBC en Dole kunnen concluderen dat het uitwisselen van informatie die de onzekerheid van de betrokkenen kan wegnemen over het tijdstip waarop, de mate waarin en de wijze waarop de betrokken ondernemingen hun marktgedrag zullen aanpassen, moet worden geacht ertoe te strekken de mededinging te beperken. Dat die rechtspraak niet van toepassing zou zijn, omdat de informatie-uitwisseling in het geval van de fabrikanten een legitiem doel had, volgt het College niet. Het College verwijst hiervoor naar de overweging onder 11.2. Daarbij heeft de ACM vastgesteld dat de prijzen niet in alle gevallen golden als definitief in de markt vastgesteld, wat de fabrikanten de gelegenheid gaf signalen af te geven en rekening te houden met de reacties van concurrenten. Dat het in de arresten HSBC en Dole ging om een directe vorm van informatie-uitwisseling, maakt niet dat deze rechtspraak hier niet van toepassing zou zijn. Voor de vraag of de informatie-uitwisseling naar haar aard schadelijk kan zijn, is niet zozeer de vorm – indirect of direct – bepalend, maar veeleer de aard en inhoud van de informatie die wordt uitgewisseld, alsook de bedoeling van die uitwisseling in de context van de relevante markt. Zoals de ACM uiteengezet heeft, had de uitgewisselde informatie betrekking op de belangrijkste concurrentieparameters, namelijk de consumentenprijzen en de introductie van nieuwe producten. De informatie-uitwisseling hierover leidde tot het verminderen of wegnemen van de onzekerheid over het tijdstip waarop, de mate waarin en de wijze waarop de fabrikanten hun marktgedrag zouden aanpassen. Er bestaat wel degelijk de algemene en solide ervaring dat deze gedragingen de strekking hebben de mededinging te beperken. Het College wijst in dit verband ook op het arrest van het Hof van Justitie van 29 juli 2024, Banco BPN (ECLI:EU:C:2024:638), punt 62 en verder, waarin het Hof heeft geoordeeld dat met name de uitwisseling van informatie die zowel vertrouwelijk als strategisch is, zoals in dit geval, kan worden beschouwd als naar zijn aard schadelijk voor de goede werking van de normale mededinging.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/cedbf2b30d83f2f7d1d3f942668913f6135416a71495c61ec2ac7f2d9c20d334. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt cedbf2b30d83f2f7d1d3f942668913f6135416a71495c61ec2ac7f2d9c20d334, en de alinea staat in dat document op bytes 57228 tot 59522.