Citaat | Centrale Raad van Beroep 19 oktober 1995

Alinea 30 Centrale Raad van Beroep 19 oktober 1995

Een alinea uit Centrale Raad van Beroep 19 oktober 1995, ECLI:NL:CRVB:1995:ZF1847.

Dit artikel garandeerde de ontslagen ambtenaar terzake van bestaande, dan wel kort na het ontslag ingetreden ongeschiktheid wegens ziekte gedurende maximaal 12 maanden (lid 5 van artikel 521 oud) een recht op zijn laatstelijk genoten bezoldiging; hij had terzake een aanspraak op de werkgever. De werkgever diende die aanspraak zonder meer te honoreren, tenzij de essentiële voorwaarden (de arbeidsongeschiktheid, het tijdstip van intreden na ontslag) niet zouden zijn vervuld. Eiseres zou, zo blijkt uit het bestreden besluit, aanspraak gehad hebben tot 1 februari 1983.Gedaagde heeft aanvankelijk getracht de ingangsdatum van het ABP-pensioen te doen vervroegen; haar beroep op overmacht (ziekte) en onbekendheid met de wettelijke bepalingen heeft niet tot het gewenste resultaat geleid (uitspraak Centrale Raad van Beroep d.d. 21 november 1991, ABP 1989/27). Vervolgens is namens haar bij brief van 28 september 1988 alsnog getracht de vordering ex artikel 521 (oud) ARA bij de werkgever op te eisen.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/458db4d4701237af9b92c67e0e7790af1509ba22b3c0210c31420075d1579693. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 458db4d4701237af9b92c67e0e7790af1509ba22b3c0210c31420075d1579693, en de alinea staat in dat document op bytes 9877 tot 10894.