Citaat | Centrale Raad van Beroep 7 juni 2000

Alinea 29 Centrale Raad van Beroep 7 juni 2000

Een alinea uit Centrale Raad van Beroep 7 juni 2000, ECLI:NL:CRVB:2000:AA7189.

Aangezien het hier betreft een -hernieuwde- uitoefening van een discretionaire bevoegdheid, ziet de Raad geen grondslag om zelf in de zaak te voorzien, zoals de rechtbank heeft gedaan. Dat betekent dat het hoger beroep tevens slaagt op het punt van de aanvechting van de toepassing van artikel 8:72, vierde lid, van de Awb door de rechtbank.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/a7df4cdb5c525092f52dc9ab481957a5be0263796e239aa9e1c8b1a33ca27010. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt a7df4cdb5c525092f52dc9ab481957a5be0263796e239aa9e1c8b1a33ca27010, en de alinea staat in dat document op bytes 18127 tot 18481.