Citaat | Centrale Raad van Beroep 14 februari 2001
Alinea 26 Centrale Raad van Beroep 14 februari 2001
Een alinea uit Centrale Raad van Beroep 14 februari 2001, ECLI:NL:CRVB:2001:AB0469.
In de uitspraak van 1 maart 2000, RSV 2000/87 heeft de Raad overwogen dat artikel 15, eerste lid, derde volzin, van het Internationaal Verdrag inzake burgerrechten en politieke rechten (IVBPR) meebrengt dat de rechter in het kader van het beroep tegen een besluit waarbij een bestuurlijke boete, zoals ook thans in geding, is opgelegd, moet bezien of dat besluit in overeenstemming is met een na het begaan van de overtreding totstandgekomen regeling waarbij is voorzien in het opleggen van een lichtere straf, hetgeen ook geldt indien de strafverlichting totstandgekomen is tijdens de beroepsprocedure bij de rechter. In artikel 27a, derde lid, van de WW, zoals die bepaling vanaf 31 december 1998 luidt, en het Besluit waarschuwing wordt voorzien in het opleggen van een lichtere straf, te weten het geven van een schriftelijke waarschuwing in plaats van het opleggen van een boete.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/bcc5693cc3e988bdf358f854893f0d797e7e31b2b97728c4327c6623c7c6fc2d. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt bcc5693cc3e988bdf358f854893f0d797e7e31b2b97728c4327c6623c7c6fc2d, en de alinea staat in dat document op bytes 10797 tot 11694.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/bcc5693cc3e988bdf358f854893f0d797e7e31b2b97728c4327c6623c7c6fc2d | shasum -a 256