Citaat | Centrale Raad van Beroep 14 februari 2001
Alinea 27 Centrale Raad van Beroep 14 februari 2001
Een alinea uit Centrale Raad van Beroep 14 februari 2001, ECLI:NL:CRVB:2001:AB0469.
Ter zitting van de Raad heeft de gemachtigde van appellant aangevoerd dat de Raad in genoemde uitspraak alsmede in de uitspraak van 20 april 2000, RSV 2000/168 niet heeft gemotiveerd om welke redenen de in strafrechtelijke termen gestelde bepaling van artikel 15 van het IVBPR op de bestuursrechtelijke boete van toepassing is. In dat verband is aangevoerd dat het begrip 'criminal charge', zoals uitgelegd door het Europees Hof van de Rechten van de Mens (EHRM), niet gelijkgesteld kan worden met het begrip 'penalty' in artikel 15 van het IVBPR. Voorts is aangevoerd dat de omstandigheid dat een bestuursrechtelijke boete in het kader van artikel 6, eerste lid, van het Europees Verdrag tot bescherming van de rechten van de mens en de fundamentele vrijheden (EVRM) wordt beschouwd als een 'criminal charge' niet betekent dat eenzelfde gedachte op het mondiaal niveau van het IVBPR opgeld zal doen.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/bcc5693cc3e988bdf358f854893f0d797e7e31b2b97728c4327c6623c7c6fc2d. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt bcc5693cc3e988bdf358f854893f0d797e7e31b2b97728c4327c6623c7c6fc2d, en de alinea staat in dat document op bytes 11702 tot 12615.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/bcc5693cc3e988bdf358f854893f0d797e7e31b2b97728c4327c6623c7c6fc2d | shasum -a 256