Citaat | Centrale Raad van Beroep 3 april 2001

Alinea 41 Centrale Raad van Beroep 3 april 2001

Een alinea uit Centrale Raad van Beroep 3 april 2001, ECLI:NL:CRVB:2001:AB1845.

Uit de wetsgeschiedenis komt naar voren dat met introductie van deze bepaling de bedoeling voorlag om in die gevallen waarin sprake is van een toename van de klachten waaraan iemand zijn uitkering ontleent en van een daaruit voortvloeiende toename van arbeidsongeschiktheid welke zich voordoet binnen een termijn van vijf jaar na toekenning of herziening van die uitkering, een verkorte wachttijd van vier weken te hanteren, teneinde aldus het financiële risico voor een werkgever bij indienstneming van een arbeidsongeschikte te beperken en op die wijze een bijdrage te leveren aan het wegnemen van mogelijke drempels bij reïntegratie. Hierbij is in het bijzonder gewezen op de wenselijkheid om mensen met een chronische of recidiverende aandoening beter reïntegreerbaar te maken door hun een grotere zekerheid te verschaffen op verhoging van hun uitkering op een korte termijn, indien zou blijken dat de ziekte verergert of terugkeert.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/f083a7fa79d21232ef06abf5ae95af8071a0e12ec7dbe0ee5fbd449d2de56792. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt f083a7fa79d21232ef06abf5ae95af8071a0e12ec7dbe0ee5fbd449d2de56792, en de alinea staat in dat document op bytes 15967 tot 16921.